Carpaal tunnelsyndroom – wat je moet weten over preventie en behandeling
Het carpaal tunnelsyndroom is tegenwoordig een veelvoorkomende aandoening van het bewegingsapparaat die het dagelijks leven en werk aanzienlijk kan beïnvloeden. Het ontstaat doordat de zenuw die door de anatomische tunnel in de pols loopt onder druk komt te staan. In de zogenaamde carpale of polstunnel loopt de medianuszenuw (nervus medianus), die wordt omgeven door spieren, banden en botten. Wanneer in deze nauwe ruimte ontsteking of zwelling optreedt, raakt de zenuw samengedrukt, wat verschillende klachten in het getroffen gebied veroorzaakt.
Anatomie en ontstaan van het carpaal tunnelsyndroom
De carpaal tunnel is een anatomisch goed afgebakend gebied in de pols waar meerdere belangrijke structuren lopen. Eén daarvan is de medianuszenuw, die verantwoordelijk is voor het gevoel in de vingers en voor de werking van een deel van de handspieren.
De wanden van de tunnel bestaan uit botten en een sterke band (retinaculum flexorum). Het is een afgesloten ruimte die zeer gevoelig is voor druktoename. Als één van de structuren hierin opzwelt, komt alles onder druk te staan omdat de tunnel niet kan "uitzetten". De symptomen van het carpaal tunnelsyndroom ontstaan doordat de zenuw in deze gesloten ruimte wordt "geklemd" of "samengedrukt".

Links de plaats van de inklemming, rechts de anatomische details.
Verschillende factoren kunnen bijdragen aan het ontstaan van de aandoening
De meest voorkomende uitlokkende factor is herhaalde, monotone beweging, vooral in het gebied van pols en hand. Bij kantoormedewerkers is overbelasting door langdurig muisgebruik en typen een veelvoorkomend probleem. Het gebruik van moderne digitale apparaten, met name het voortdurend tikken op smartphones en tablets, verhoogt ook het risico.
Bepaalde onderliggende ziekten kunnen de kans op het ontstaan van een carpaal tunnelsyndroom aanzienlijk vergroten.
Diabetes kan bijvoorbeeld de perifere zenuwen gevoeliger maken.
Hormonale stoornissen van de schildklier, met name een verminderde werking (hypothyreoïdie), kunnen tot weefselzwelling leiden.
Reumatologische aandoeningen en auto-immuunziekten met hun ontstekingsprocessen kunnen ook bijdragen aan het ontstaan van klachten.
Hormonale veranderingen spelen een bijzondere rol bij het ontstaan van de aandoening. Door hormonale en vochthuishoudkundige veranderingen tijdens de zwangerschap hebben zwangere vrouwen een verhoogd risico. Evenzo ervaren vrouwen in de menopauze vaker klachten door veranderingen in de hormonale balans.
Kenmerkende symptomen van het carpaal tunnelsyndroom
De eerste symptomen van het carpaal tunnelsyndroom ontwikkelen zich meestal sluipend en geleidelijk.
Het eerste waarschuwingssignaal is vaak gevoelloosheid van de hand, die aanvankelijk alleen in bepaalde posities of tijden van de dag optreedt. Kenmerkend is dit gevoel in de duim, wijs- en middelvinger, omdat deze vingers door de medianuszenuw geïnnerveerd worden.
Een typische eigenschap van deze aandoening is dat de klachten ’s nachts verergeren. Je kunt wakker worden met een verdoofd of pijnlijke hand, waarbij de klachten vaak pas verminderen als je de hand beweegt of laat hangen.
Dit wordt veroorzaakt doordat je tijdens het slapen de pols in een gebogen positie houdt, wat de druk in de tunnel verhoogt.
Naarmate de aandoening vordert, worden de symptomen duidelijker. De periodieke gevoelloosheid verandert in aanhoudende sensibiliteitsstoornissen. Er kan pijn optreden die vanaf de pols omhoog naar de arm straalt.
De tastgevoeligheid van de betrokken vingers kan afnemen, wat fijnmotorische handelingen bemoeilijkt. In gevorderde gevallen kan ook spierzwakte in de aangedane hand optreden, wat zich bijvoorbeeld uit in onhandigheid bij duimbewegingen.
Thuisbehandelingsmogelijkheden
Voor de behandeling van het carpaal tunnelsyndroom zijn er verschillende therapeutische methoden die je thuis kunt toepassen. Deze kunnen de door de arts voorgeschreven behandeling aanvullen en aanzienlijk bijdragen aan het verminderen van klachten. Hieronder volgt een overzicht van thuis toepasbare therapieën en hulpmiddelen.
TENS-behandeling
TENS (Transcutaneous Electrical Nerve Stimulation) apparaten werken met elektrische impulsen en kunnen pijn effectief verminderen.
Tijdens de behandeling moeten de elektroden boven en onder het pijnlijke gebied worden geplaatst. De maximale afstand tussen de twee elektroden is 15-20 centimeter.
Moderne TENS-apparaten hebben meerdere programma's, bijvoorbeeld traditionele TENS, Endorfine TENS, BURST, HAN en gemoduleerde TENS. Elk programma kan worden gebruikt; het is de moeite waard te proberen welk programma voor jou de beste pijnverlichtende werking biedt.
De behandeling wordt aanbevolen 2–3 keer per dag, telkens 20–30 minuten. Het is belangrijk te weten dat TENS een symptoombestrijdende behandeling is: het vermindert pijn effectief, maar heeft weinig tot geen genezende werking.
Een ruime keuze aan TENS-apparaten vind je hier. Elk van de apparaten kan een geschikte keuze zijn voor pijnverlichting.
Microstroomtherapie
Microstroomtherapie (MENS – Microcurrent Electrical NeuroStimulation) is een effectieve behandelmethode. Het vermindert niet alleen pijn maar verbetert ook de plaatselijke bloedcirculatie. De zeer lage stroomsterkte die tijdens de behandeling wordt toegepast, helpt zwelling te verminderen, ontstekingen te remmen en weefselregeneratie te bevorderen.
Microstroomtherapie wordt aanbevolen minimaal eenmaal per dag 20–30 minuten toe te passen; indien nodig kan dit 3–5 keer per dag herhaald worden.
De elektroden moeten zodanig geplaatst worden dat ze het pijnlijke gebied omsluiten. De behandeling kan bijzonder effectief zijn in een vroeg stadium van het carpaal tunnelsyndroom.
Hier kun je kiezen uit microstroom (MENS) apparaten. Alle apparaten zijn geschikt voor effectieve pijnverlichting.
Toepassing van therapeutisch ultrageluid
Ultrageluidtherapie kan ook een effectieve methode zijn bij de behandeling van het carpaal tunnelsyndroom.
Tijdens de behandeling breng je contactgel op de huid aan en beweeg je de ultrageluidkop langzaam met cirkelvormige bewegingen over het pijnlijke gebied. Het ultrageluid dringt door in het weefsel, verwarmt het en verbetert daardoor de bloedcirculatie, wat zwelling vermindert en het genezingsproces versnelt.
De behandeling kan eenmaal per dag gedurende 5–10 minuten worden uitgevoerd met een laag- tot middenintensief ultrageluid. Ultrageluidtherapie kan vooral effectief zijn bij chronische gevallen.
Hier vind je therapeutische ultrageluidapparaten. Het M-Sonic 950 apparaat is speciaal voor thuisgebruik bedoeld, terwijl de MediSound 3000 meer aanbevolen wordt voor gebruik in de praktijk.
Softlaser behandeling
Lasertherapie is een moderne behandelmethode die bijzonder effectief kan zijn bij het carpaal tunnelsyndroom. De laserstraal dringt diep door in het weefsel, stimuleert de cellen, verbetert de microcirculatie, vermindert zwelling en ontsteking en verlicht daarmee pijn.
De behandeling wordt op het getroffen gebied uitgevoerd. De toe te dienen energie bedraagt 5–8 Joule. Hieruit volgt dat de behandeltijd afhangt van het type apparaat en de sterkte van de uitgezonden laserstraal. Hoe sterker de straal, hoe korter de benodigde behandeltijd. Bij B-Cure apparaten bedraagt dit 8–10 minuten, bij de Safelaser 500 is dat 5 minuten, terwijl bij de Personal Laser L400 de behandeltijd per behandelpunt slechts 20 seconden is.
De Personal Laser L400 heeft de beste prijs/prestatieverhouding van de aanbevolen apparaten.
Productaanbeveling: onze softlaser apparaten
Het belangrijkste effect van een softlaser apparaat is het ondersteunen van celregeneratieprocessen en daarmee het versnellen van genezing, en daarnaast werkt het pijnstillend door stimulatie van endorfineproductie.
Toepassing van magnetotherapie
Behandeling met een pulserend magnetisch veld (PEMF) is ook een effectieve therapeutische optie bij het carpaal tunnelsyndroom.
Tijdens de behandeling moet de magneettherapie-unit op de pols worden geplaatst, waarbij gelet wordt op de juiste positionering.
In de unit dienen twee voelbare spoelen tegenover elkaar te liggen, waarbij aan de ene kant de noordpool (N) en aan de tegenoverliggende kant de zuidpool (S) tegen de huid geplaatst wordt.

De magnetotherapie-behandeling wordt aanbevolen 20–30 minuten per dag uit te voeren.
Het is belangrijk op te merken dat alleen een pulserend magnetisch veld opgewekt door elektrische stroom effectief is; van statische magneten (bijv. magnetische armbanden) mag je geen resultaat verwachten.
Study: Weintraub MI, Cole SP. A randomized controlled trial of the effects of a combination of static and dynamic magnetic fields
Een overzicht van magnetotherapie-apparaten vind je hier. Met uitzondering van de Magnum L heeft elk apparaat een speciaal programma voor de behandeling van het carpaal tunnelsyndroom en zijn alle benodigde accessoires voor deze behandeling bij de prijs inbegrepen.
