Ik ben 'peer-mollig'. Waarom zou je jezelf niet voor de gek houden?
„Beste dokter! Ik ben ‘peer-mollig’, mijn heupomtrek is 169 cm, ik zou graag een lymfedrainageapparaat willen. Bestaat er zo’n maat?” – zo luidde de vraag die mij werd gesteld. Terwijl ik het las, bracht het me eerst aan het glimlachen, daarna verbaasde het me en tenslotte maakte het me bedroefd. Ik leg uit waarom ik op deze “emotionele achtbaan” belandde.
Peer-mollig – een glimlach op het gezicht
Eerder was ik het begrip “peer-mollig” nog niet opgevallen. Ik kan me niet herinneren of ik het ooit had gehoord.
In eerste instantie dacht ik dat de vraagstellende het feit een beetje grappig noemde: er zit een beetje extra rond de heup-bil-taille. Toen glimlachte ik nog…
Een van de betekenissen van het woord mollig is: “Volrond van vorm, mollig, wat gezet (vrouw, lichaamsbouw), die meestal klein van postuur is; mollig.”
Op andere plekken wordt het zo beschreven: “We noemen mollig die lichaamsbouw waarbij wat ‘extra’ aanwezig is. Een mollige lichaamsbouw kan qua kleding erg decoratief zijn. Mollig staat ver af van dik of vadsig.”
169 cm – een schokkende maat
En toen zag ik het cijfer. 169. Centimeter. De heupomtrek…
Op dat moment schakelt het brein in “zoekmodus”. Het telt even na wat een gemiddelde waarde is, wat je eigen getal is, waarmee je het zou moeten vergelijken… en dan… langzaam rijzen de wenkbrauwen, de ogen worden groot… na een paar seconden dringt het door dat het meten van zo’n omtrek al problematisch kan zijn. Want het gebruikelijke kleermakersmeetlint is 150 cm, dus dat is niet genoeg om rondom zo’n lijf te meten.
169 cm past bij lange na niet in de categorie “mollig”, en ook niet in de categorieën als “licht gezet” of licht overgewicht.
Zo’n heupomtrek wordt alleen gemeten bij ernstige obesitas. Dat ontstaat niet zomaar, en al helemaal niet ongemerkt.
Zelfbedrog maakte me verdrietig
Tegen de tijd dat ik zover was met lezen en interpreteren, was mijn glimlach verdwenen, mijn opgetrokken wenkbrauwen zakten weer en op deze emotionele achtbaan nam iets van droefheid en lusteloosheid hun plaats in.
Het maakt me verdrietig als iemand zichzelf voor de gek houdt en niet eens voor zichzelf wil toegeven: ik ben ernstig te zwaar geworden.
Want overgewicht en obesitas zijn een broedplaats voor ziekten, die je leven vroeg of laat ongetwijfeld zullen vergallen. Op jonge leeftijd vecht het lichaam nog tegen de vernietigende kracht van overgewicht. Na je 50ste echter zullen de extra kilo’s langzaam maar zeker je gezondheid onderuithalen en je dagelijks leven vergallen. Je kunt hier ook over lezen in mijn artikel.
Om van het overtollige gewicht af te komen zijn twee dingen in wezen belangrijk.
Het eerste is dat je je tenminste tegenover jezelf toegeeft dat je overgewicht hebt, te dik of obesitas bent.
Dat is heel belangrijk voor het tweede: je moet iets doen tegen de obesitas. Meer lichaamsbeweging en door je voedingspatroon aan te passen via aanpassing van je voeding.
Anders winnen de kilo’s sowieso. En jij verliest!